Geschreven door Jacques Smeets | maandag, 27 december 2010 19:01 | Laatst aangepast op maandag, 27 december 2010 19:04
Recent las ik in een column van Marja Ruiterman de droge mededeling dat uit wetenschappelijk onderzoek was gebleken dat wanneer mensen aan een professor denken de intelligentie met 20 % stijgt en als zij aan een vuilnisman denken daalt die intelligentie met 20 %. Was op t.v. geweest, zo stond in de column vermeld, echt waar!
Het bracht mij tot de inspirerende vraag of ik nog kan warm lopen voor de t.v.
Ik kwam tot het voor sommigen wellicht onthutsende antwoord, dat de t.v. op zich mij nauwelijks nog inspireert, maar dat ik af en toe nog wel eens innerlijke warmte bespeur als ik op het scherm bepaalde mensen zie en hoor spreken. Ze worden echter steeds zeldzamer.
Heeft dat met deze mensen te maken of met mijn veranderende kijk op de mens en de wereld? Ik denk meer met het laatste. Het t.v. scherm wordt steeds platter en de programma’s passen zich aan . Zij worden steeds oppervlakkiger, maar het kan niet zo goed andersom zijn. Al met al is het toch maar een waardeoordeel, nietwaar? Potentiële kijkers genoeg, want oppervlakkigheid manifesteert zich in deze tijd onder talloze mensen. De diepte opzoeken of het hoofd boven het maaiveld uitsteken kan gevaarlijk en beangstigend zijn, dus blijft Nederland massaal aan de oppervlakte.
Ieder individu maakt op een natuurlijke manier gebruik van een antenne die zich op een even natuurlijke, maar vooral onbewuste manier richt op datgene wat hem of haar aantrekt. Het is dan ook logisch dat het aanbod van oppervlakkigheid evenredig meegroeit, en andersom. Het zijn elkaars tegenpolen, die zich beide voeden vanuit diepe onbewuste drijfveren en zich zodoende in stand houden en evenredig groeien of krimpen. Hoe deze visie te rijmen is met de stelling van de wetenschappers dat intelligentie van het individu stijgt of daalt met gedachten aan bepaalde personen of beroepen is mij niet duidelijk, maar wellicht is er een verklaring te vinden in de antennes van de wetenschappers, m.n. waar zij op zijn afgestemd? Op hun zelf gedefinieerde, getoetste, bewezen en gestandaardiseerde intelligentie misschien?
Recent vernam ik via het 8-uur journaal (volgens sommige wetenschappers het enige objectieve t.v.-programma in Nederland!?) de opvallende mededeling dat een grote groep vooraanstaande wetenschappers uit de hele wereld heeft onderzocht wat de invloed van eten is op de ontwikkeling van kanker. Vervolgens worden daar allerlei conclusies uit getrokken door landelijke of lokale deskundigen en/of journalisten die er over berichten in de media en daar gaat massaal t.v.-kijkend Nederland zonder blikken of blozen op af. Als mensen bepaalde voedingsstoffen niet eten, zouden er waarschijnlijk 20 % minder darmkankerpatënten zijn. Dat soort onduidelijke kreten worden er via het platte scherm de huiskamers binnengeslingerd.
Of de professor en de vuilnisman dit bericht hebben meegekregen? Zou best kunnen, maar of ze zich erin gaan verdiepen? Ik denk het niet. De t.v. blijft nu eenmaal oppervlakkig en wordt nog steeds platter, straks plakken we een flinterdun laagje materie tegen de wand en nog steeds begrijpen we niet dat de t.v. slechts een scherm is, waarop wij voornamelijk onze onbewuste verdrongen, vermeden en ontkende thema's blindelings projecteren.
Maar ja, dat is slechts een beschouwing, gedaan door mij, als mens. Niks geen toetsing, bewijs of standaarden.
Of dat waarheid is? Ik betwijfel het. Intelligentie dan? Geen idee.
In de wetenschap geldt nog steeds dat de waarheid van vandaag de leugen van morgen is, want gegarandeerd, er komt weer een andere wetenschapper met het tegengestelde bewijs en dan zet hij die andere wetenschappers te kakken om maar niet te spreken van al die duizenden mensen die de vorige conclusies in de praktijk zijn gaan uitvoeren. Daar gaan al die procenten intelligentie, naar boven en beneden….. de vuilnisbelt op.
Gelukkig ben ik geen wetenschapper, maar wat ik wel weet is dat er nog veel weten op de schappen ligt om opgehaald te worden, om geaccepteerd, gerespecteerd, gewaardeerd, beleefd en geïntegreerd te worden, hetgeen wij mensen als ontdekken betitelen en waar wetenschappers /en niet-wetenschappers dagelijks mee bezig zijn.
What a strange world we live in, isn’t it?